Mijn ziel is verlicht maar ik zie geen hand voor ogen. Ik zeg het hardop – niet hard genoeg. Je kijkt me aan. Een beetje schuin, dat weet ik zeker ook al is het pitch black. Het glinstert in je ogen. Jaaa, die ogen die glinsteren. Daarom vind ik je zo leuk. Wat zeg je? Schreeuw je in mijn oor. Ik wuif zo van laat maar en laat mijn lijf weer leiden door de muziek. Ik ben een meermin in de nacht. Donkerzwarte, stroperige beats die je net zo hard voelt als dat je ze hoort. Bvvm bvvm bvvm bvvm doet de golfslag, die me met ongekende kracht heen en weer duwt. Steeds dezelfde beweging, on repeat, on repeat.

Te hard, te donker, het is hier voelen met je zintuigen aan-uit en dat is ook goed zo. Ik heb je net ontmoet. Opgedoken in de diepte – ik jou, jij mij. En ik vind je bijzonder mooi. Je bent een parel, denk ik en ik lach naar je met mijn tanden bloot. Hmhm, onwaarschijnlijk mooi ben je! Ik weet het wel, hoor, zodra ik bovenkom is er niets van over. Alles dat onder water danste is dan alleen nog slap en nat. Wat schitterde slechts een herinnering. Ja, ik zal je terugwerpen in zee en kijk nooit terug. Geen gemaar! Het zachte compromis is een dodelijk wapen, het betekent zand in je ogen en jezelf glimlachend begraven. Het geeft niets. Al is het morgen over, ik houd nu van je.

We lopen de trap op, naar de WC’s. Het is er druk en vochtig. Vanuit de diepte klinken de golven, nu vermengd met het gesuis van stalen kranen en flarden van gesprekken. Het hokje is nog klammer, op de vloer staan lege en halfvolle flesjes bier naast hoopjes nat papier. Hoe ging dat gezegde ook alweer? Het ene neusgat in… En het andere ook. Tijd om de zee te verlaten, we gaan nu naar de maan. Terwijl we vliegen vliegt ook de tijd. Minuten, kwartieren, uren vullen de nacht met voorbije tijd. Tijd die nog niet was – golfslag – ze is geweest. Het is allemaal niet meer dan volle leegte, schitterend. Ik maandans met die sterren in je ogen. En ik twijfel even. Misschien is het voor even voor altijd.

cropped-a0711697631_10

Post a comment