Ik ben hem vaak tegengekomen, je zou kunnen zeggen regelmatig. Hij ziet er nooit hetzelfde uit. Soms is hij lang, een andere keer kort. Van gemiddeld postuur, met bierbuik, tanig. Hij heeft alle kleuren haar al eens gehad, draagt snor of Nikes of iets anders en wordt overal geboren. Toch herken ik hem meteen.

Hij kijkt zo dat ik weg moet kijken en die macht vindt hij geil. Ik weet dat hij weet dat hij iets met me kan doen. Per ongeluk zijn hand langs mijn bil laten gaan als hij langsloopt. Me vastpakken, verkrachten. Het schiet door mijn hoofd en het klopt in mijn borst in die paar lange seconden dat hij te dichtbij komt. Vlees, denkt hij. Neuken! Hij denkt met zijn penis.

Andere mannen kennen hem niet. Van gehoord, ja dat wel, maar tegenkomen doen ze hem nooit, deze zogenaamde man. Andere mannen zijn hem niet. De man die te dichtbij komt is een man in meervoud en dus altijd iemand anders.

Heel soms blijft de man die te dicht bij kwam nog even bij me. Hij gaat ongevraagd met me mee vanuit de metro naar huis, ik neem hem mee in bed en hij is het die ik als laatste zie voor ik in slaap val. Hij denkt niet aan mij, nu niet meer. Hij is alweer een man als alle anderen.

Post a comment